Leeringen enthousiast maken over wetenschap. Dat is de hoofdreden waarom twaalfjarigen in het Vlaamse Tielt en het Nederlandse Oldenzaal samen aan de slag gingen met twee wetenschappelijke projecten rond klimaatverandering.

Drie dagen kwamen de Nederlandse scholieren op bezoek bij hun Vlaamse leeftijdsgenoten. Hun leerkrachten maakten van de geplande uitwisseling gebruik om samen deel te nemen aan twee citizen science-projecten: Tea Bag Index en GrowApp. Zou er verschil zijn tussen de Vlaamse en de Nederlandse resultaten?

De wetenschappers van Tea Bag Index, onder meer van de Universiteit Utrecht, schakelen hulp van vrijwilligers in om de bodem te onderzoeken. Dat kan met simpele theezakjes.

thee detail

De Vlaamse leerlingen begroeven een veertigtal theezakjes in de schooltuin; de Nederlandse zochten thuis een plekje buiten. Vraag is hoeveel het gewicht na een maand of drie is afgenomen. Dat verschil in massa geeft een indicatie van het verteringsproces. En een snellere of tragere vertering kunnen de onderzoekers weer koppelen aan de bodemdiversiteit en aan de klimaatverandering.

“Helaas zijn de konijnen aan de haal gegaan met heel wat van onze zakjes”, zegt leerkracht Thijs Declercq van de Tieltse school De Bron. “Maar dat hoort erbij: zo leer je dat mislukken inherent is aan experimenteren.”

Hoe maak je een grafiek?

De leerlingen zijn inmiddels druk in de weer met de weegschaal en voeren vervolgens hun resultaten in op de website van het project. “Vreemd, mijn zakje weegt nu meer dan voor het werd begraven”, zegt leerling Jolien. “Maar misschien komt dat omdat er een worteltje aan vast zit en dode beestjes.” “Het is best interessant om te weten wat er allemaal onder de grond gebeurt”, vindt klasgenoot Finn. “En het is leuk dat er ook echt iets met onze resultaten gebeurt.”

thee wegen

“Ja. Ja! Hij doet het! Hij staat erin!” Het enthousiasme is groot op de eerste rij als na minutenlang klungelen eindelijk een mooie grafiek in Excel verschijnt van het gewicht voor en na het begraven. Ook die wordt geüpload op de website. “Onze leerlingen hadden nooit eerder met Excel gewerkt”, zegt Jacqueline Keijzer, docent mens en gezondheid op het Twents Carmel College in Oldenzaal. “Op deze manier leren ze er spelenderwijs mee werken.”

Niet alle leerlingen zijn even enthousiast. De Nederlandse en Vlaamse jongeren zijn wellicht meer geïnteresseerd in elkaar dan in het wetenschappelijke project. Thijs: “We willen leerlingen laten kennismaken met de wetenschappelijke methode. Bij sommigen is dat gelukt; bij anderen niet. Misschien is twaalf jaar nog wat jong voor dit soort projecten. We willen de komende tijd wel nog een nabespreking doen. Welke resultaten zijn logisch, welke niet? Wat is er misgegaan en wat is er goed gelukt?”

“Wij zitten vast aan het leerplan, en dat is een groot nadeel”, vindt Els Merveillie, leerkracht in De Bron en initiatiefnemer voor de deelname aan burgerwetenschap. “Het is moeilijk om de tijd te nemen om deze projecten goed te kaderen.”

klas overzicht

Dat lukte in Oldenzaal beter. “Dit is een VWO-extra klas”, zegt Jacqueline. “Twintig procent van de tijd kunnen we aan wetenschapsoriëntatie besteden. Leerlingen leren academische werkvormen, ze doen onderzoekjes, worden gestimuleerd om kritisch te denken. Wij hebben als bijkomend experiment zowel in een naald- als in een loofbos bladeren opgehaald. Die hebben we gewogen en vervolgens opnieuw in de bodem gewerkt. In mei gaan we kijken wat ermee gebeurd is. Dat hebben we gekoppeld aan de theezakjes. In de herfst maakten we ook een boswandeling en leerden we over schimmels en andere opruimers.”

Klimaatverandering

Op het project GrowApp, van de universiteit van Wageningen, gingen beide scholen nog dieper in. Daarbij mochten de scholieren een boom uitkiezen om te volgen. Door op regelmatige tijdstippen met de app een foto te maken verkregen ze een timelapse-filmpje. Dat laat zien wanneer de bomen verkleuren en hun bladeren verliezen. Jacqueline: “Ze moesten ook het type boom noteren, hoe de boom verandert, de lengte en diameter opmeten … En ze kregen een opdracht rond knoppen en er volgt er nog eentje rond bloesems. Ik heb het lespakket van de GrowApp gebruikt en in mijn lessen biologie geschoven.”

In de klas is te merken dat de leerlingen heel wat hebben opgestoken van het GrowApp-project. In Tielt lag de nadruk op klimaatverandering en welke gevolgen dat kan hebben voor bomen, en bij uitbreiding voor de hele biodiversiteit. “Misschien gaan de bomen eerder bladeren krijgen door de opwarming. Of ze zullen later – of zelfs niet – hun bladeren verliezen”, speculeren de leerlingen. “Of vogels gaan vroeger broeden.”

De meerwaarde van burgerwetenschap op school? Daar hoeft Els niet lang over na te denken. “Ons hoofddoel is om onze leerlingen enthousiast te maken voor wetenschappen. Dankzij burgerwetenschap kunnen ze iets doen wat belangrijk is, een experiment dat wetenschappers echt helpt. Daarnaast zien ze in dat wetenschappelijk onderzoek best veel werk is: het gaat om zoveel meer dan enkel het experiment.”

 

Tekst en foto's: Liesbeth Gijsel